Bij het integriteitsonderzoek naar Khadija Arib schendt recherchebureau Hoffmann zijn eigen regels
Bij het integriteitsonderzoek naar Khadija Arib schendt recherchebureau Hoffmann zijn eigen regels
Recherchebureau Hoffmann doet onderzoek naar oud-kamervoorzitter Khadija Arib (PvdA). Daarbij handelt het in strijd met zijn eigen onderzoeksprotocol voor ongewenst gedrag op de werkvloer en de gedragscode voor particuliere onderzoeksbureaus, blijkt uit onderzoek. De beginselen van hoor- en wederhoor die Hoffmann zegt te hanteren, worden met voeten getreden.
Eind oktober 2022 kreeg recherchebureau Hoffmann van het bestuur en de griffier van de Tweede Kamer opdracht om onderzoek te doen naar Khadija Arib. Zij zou zich jegens ambtenaren aan machtsmisbruik hebben schuldig gemaakt en een schrikbewind hebben gevoerd in haar periode als voorzitter van de Tweede Kamer (2016-2021).
Deze beschuldigingen stonden in een anonieme brief, gericht aan de Tweede Kamer. Voor het bestuur was het voldoende aanleiding voor een ‘extern onafhankelijk' onderzoek. Daarvan moest Arib op 28 september 2022 kennisnemen via NRC.
Acht maanden later weet Arib nog steeds niet tegen welke aantijgingen zij zich moet verdedigen, onthulde Follow the Money onlangs. Ze kreeg maandenlang geen inzage in de anonieme klachten die aanleiding vormden voor het onderzoek. Ook kreeg ze het zogeheten onderzoeksprotocol niet toegestuurd. Pas na tussenkomst van haar advocaat waren de opdrachtgevers bereid om haar strikt vertrouwelijk inzage in deze documenten te geven. Het onderzoek is onzorgvuldig en niet onafhankelijk, stelden deskundigen.
Hoffmann doet vaker onderzoek naar grensoverschrijdend gedrag. Daarvoor heeft het bureau het ‘Onderzoeksprotocol voor onderzoeken naar ongewenst gedrag op de werkvloer’ ontwikkeld, waarop Follow the Money de hand wist te leggen. Beklaagden horen dit protocol te krijgen.
Let wel: FTM kreeg dit protocol niet van of via Arib, die het aan haar verstrekte document vertrouwelijk moet behandelen. Het is dus onduidelijk of het protocol waarover FTM beschikt, afwijkt van het protocol dat Hoffmann in Aribs zaak gebruikt.
‘Inzage in alle gegevens’
In het onderzoeksprotocol besteedt Hoffmann nadrukkelijk aandacht aan de belangen van de beklaagde. Zo staat er:
‘Volgens het hoor wederhoorprincipe krijgt de beklaagde de gelegenheid om de bevindingen van de onderzoeker over de onderzoeksvragen te weerspreken, corrigeren of ontkrachten op een wijze die de onderzoeker kan betrekken bij de opbrengsten van het onderzoek en de rapportage daarover. De beklaagde moet daarvoor kennis kunnen nemen van alle gegevens (verklaringen, documenten, andere gegevens) die aan die bevindingen ten grondslag liggen. De onderzoeker moet hiertoe uit de gegevens en de informatie die hij vergaart de voor wederhoor van de beklaagde relevante delen selecteren en die laten inzien.’
De drie hoogleraren die als ‘gedelegeerd opdrachtgevers’ voor de communicatie met Hoffmann zijn aangesteld, hebben lange tijd geweigerd om inzage te geven in de anonieme brieven. Penvoerder is hoogleraar bestuurskunde Mirko Noordegraaf (Universiteit Utrecht). Hij en Hoffmann hebben Arib pas in maart 2023 – vijf maanden na de start ervan – verteld over het onderzoek. Daarbij meldden ze dat het voormalig Kamerlid te zijner tijd mondeling over de bevindingen wordt geïnformeerd, zo blijkt uit onderzoek van Follow the Money. Bovendien krijgt Arib geen inzage in de gespreksverslagen waarin de beschuldigingen zijn vervat.
De aanpak van Hoffmann is strijdig met de principes uit het protocol die het bureau in zulke onderzoeken zegt te hanteren. Arib krijgt immers geen inzage in ‘alle gegevens (verklaringen, documenten, andere gegevens) die aan die bevindingen ten grondslag liggen’. Zij wordt volgens Hoffmann slechts mondeling geïnformeerd.
‘De handelswijze is niet conform het protocol. Inzien is echt iets anders dan mondeling informeren,’ oordeelt integriteit hoogleraar Rob van Eibergen (Vrije Universiteit), die veel ervaring heeft op dit terrein en kennis nam van het protocol.
In het onderzoeksprotocol staat dat een werkgever nooit zomaar een onderzoek moet starten, maar eerst een aantal stappen moet doorlopen:
‘De werkgever zal allereerst met de klager in gesprek moeten gaan, zodat de klager de klacht kan toelichten en indien nodig concretiseren. De meest logische stap daarna voor de werkgever is om samen met de klager na te gaan of een gesprek met de beklaagde, al dan niet onder begeleiding van de leidinggevende of een mediator, tot een oplossing kan leiden. Hierdoor kan een (beginnend) conflict soms in de kiem worden gesmoord.’
Het bestuur van de Tweede Kamer – het presidium – heeft Arib niet uitgenodigd voor zo’n gesprek. Ze moest op 28 september 2022 in NRC lezen dat er een extern onderzoek naar haar gedrag zou komen.
Schending gedragscode
In de offerte van Hoffmann van 19 oktober – die eind vorig jaar onder druk van de Kamer openbaar is gemaakt – staat deze passage over het informeren van Arib:
‘Zoals met u [de opdrachtgever, red.] besproken, betekent dit onder andere dat wij de verplichting hebben onderzochte personen binnen een redelijke termijn te informeren dat wij hun persoonsgegevens hebben verwerkt, in opdracht van wie, en met welk doel. [..]
Desalniettemin stellen wij voor dat Hoffmann, direct na gunning van de opdracht [19 oktober 2022, red.], betrokkene hier schriftelijk over informeert, waarin tevens in dit schrijven kan worden aangegeven dat Hoffmann de persoonsgegevens van betrokkenen verwerkt. Hiermee voldoet Hoffmann direct aan de eerdergenoemde verplichting de onderzochte persoon te informeren.’
Deze verplichting vloeit voort uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) ter bescherming van de privacy. Daarnaast moeten particuliere recherchebureaus zich houden aan de ‘Gedragscode sector particuliere onderzoeksbureaus’, die door de minister van Justitie vanaf februari 2022 bindend voor de sector is verklaard.
In die gedragscode staat dat een recherchebureau ‘uiterlijk binnen één maand na de verkrijging van de persoonsgegevens’ de betrokkene daarvan op de hoogte moet stellen. Maar Hoffmann heeft zich in maart dit jaar voor het eerst gemeld, vijf maanden na de start van het onderzoek, dat volgens de offerte ‘enkele maanden’ zou duren. Pas in maart informeren is ook niet ‘direct na gunning’, zoals Hoffmann in zijn offerte beloofde.
In de gedragscode staat eveneens dat het het particulier onderzoeksbureau de onderzochte persoon voorafgaand aan het onderzoek op de hoogte moet stellen:
‘De onderzochte persoon wordt dan in algemene bewoordingen medegedeeld wat de aard van het onderzoek is waaraan hij is onderworpen, wat daarvan de reden is en wie als opdrachtgever fungeert.’
Ook dit is niet gebeurd, aangezien pas in maart contact met Arib werd opgenomen.
Hoffmann wil geen toelichting geven
Follow the Money legde Hoffmann vragen voor. Daarop wil het bureau niet ingaan. Tim Lopes Cardozo, teamleider Fraude & Integriteit, antwoordt: ‘Zoals eerder gemeld doen wij geen uitspraak over lopende onderzoeken en verwijs ik u graag terug naar de brief die u reeds heeft gekregen van de gedelegeerd opdrachtgevers inzake het onderzoek naar de inhoud van de anonieme brieven. Wel hecht ik eraan op te merken dat de suggestie van Follow The Money dat Hoffmann zich niet houdt aan de eigen normen/onderzoeksprotocollen, de AVG of de Privacygedragscode van de Nederlandse Veiligheidsbranche niet klopt.’
Waarom die bevindingen niet zouden kloppen, wil Lopes Cardozo niet toelichten.
Recherchebureaus moeten een vergunning hebben van het ministerie van Justitie. Maar de politie gaat nauwelijks na of ze zich aan de regels houden, zo stelde de Inspectie Justitie en Veiligheid vorig jaar voor de tweede keer op rij vast. ‘Doordat er nauwelijks controle is en de regelgeving ontoereikend is, kunnen burgerrechten zoals bescherming van persoonlijke levenssfeer in de knel komen.’
Reacties
Een reactie posten